Bijzondere vondsten bij onderzoek Slag bij Ane

HOLTHONE – De mens Rik Ypey sprong deze week een gat in de lucht toen hij een foto van een vondst vanaf het vermoedelijke terrein van de Slag bij Ane zag. De archeoloog Rik Ypey is voorzichtiger, maar hij koestert het object in zijn tijdelijke domein in Holthone. En ja, voorzichtig melden de onderzoekers dat de juiste locatie van het begin van de veldslag is gevonden. In de geschiedenisboeken zou dan Slag bij Holthone moeten komen te staan.

In de boerenschuur bij ‘t Holthuus werden bij Ypey ruim 1.000 plastic zakjes met vondsten binnengebracht. “Dit had ik niet durven dromen. Wat wel? Hooguit een pijlpuntje, maar dit zou een wapen op een lange stok kunnen zijn geweest uit de tijd van de Slag bij Ane”, zegt hij over één van de twee meest opmerkelijke vondsten. Nader onderzoek moet het vermoeden onderbouwen, want de wetenschapper Ypey wil zekerheid en geen vermoedens. Maar het wordt gezien als één van de belangrijkste vondsten van de afgelopen week.

Tekst gaat verder onder de video waarin Ypey het voorwerp toont

Het is vrijdagmorgen. De laatste dag van de zoektocht in Holthone. Historisch onderzoeker Bert Finke maakt voorzichtig de balans op. “Wij denken dat dit de plek is waar de Slag bij Ane is begonnen. Het is de grootste kans dat het hier is geweest. Er zijn zeer interessante vondsten gedaan.” Zelfs in een week tijd en de inzet van tientallen is er nog voldoende te onderzoeken. Finke: “Er zijn 25 hoogst interessante locaties en op vijf tot zes van die plekken zijn putten gegraven. We hebben 14 van de 25 hectare onderzocht.” De onderzoekers komen graag terug. Niet alleen om de locatie van de afgelopen week dieper en intensiever te onderzoeken met bijvoorbeeld proefsleuven. Ook is er voldoende onderzoek te doen in Ane, waar het kamp van de bisschop van Utrecht moet zijn geweest.

Laatste ronde

Voor de duidelijkheid: de Slag bij Ane was niet een klassieke veldslag waarbij twee grote legers zich op elkaar storten. Het was meer een guerrillastrijd op wat nu vooral landgoed De Groote Scheere is. Op een plek met uitzicht op de windturbines bij Coevorden zijn vrijdagmorgen nog mensen met metaaldetectoren in de weer. Steeds klinkt een piep. Het blijkt te gaan om een stuk van een bout, een onderdeel van een tractor en een stuk isolatiekabel. In een naastgelegen veld worden op hetzelfde moment twee hoefijzers gevonden, waarvan één een behoorlijke leeftijd heeft.

De aanwezigen lijken geen haast te maken om op te ruimen. Een gedeelte van hen wil niet thuis komen met de gedachte: had ik nog vijf minuten langer moeten zoeken voor een bijzondere vondst. Voor een ander was de afgelopen week bijna thuis. Het zijn veteranen van Recovery on the Battlefield en voor hen was de afgelopen week bijna thuiskomen. Weer onder militairen die weten wat het is om naar landen als Libanon en Afghanistan te worden uitgezonden. En daarbij traumatische ervaringen hebben opgelopen, die nu nog hun leven kunnen bepalen. Deze week waren zij onder gelijkgestemden, die tijdens het werken maar ook in de avonduren aan een half woord genoeg hadden. “Een lotgenotencontact”, noemt één van hen het.

Ridderspoor

Archeoloog Ypey heeft deze week de taak om alle vondsten te ontvangen. Hij heeft drie categorieën gemaakt: materialen uit de afgelopen decennia, onderzoekwaardig (bijvoorbeeld afkomstig uit de Tachtigjarige Oorlog) en voorzichtig/Slag bij Ane. In die laatste doos zitten twee voorwerpen: wat mogelijk een wapen op een lange stok is geweest en iets wat mogelijk een ruiterspoor is geweest. Ook zijn er geruchten dat in de berg van plastic gelabelde zakjes een pijlpunt ligt. 391 van de ruim duizend vondsten zijn inmiddels in het systeem gezet.

Niet zo bekend

Ypey is inmiddels besmet met het Ane-virus. Deze geschiedenis laat hem niet los. Opmerkelijk is dat de veldslag uit 1227 bijna alleen regionaal bekend is, terwijl zonder Slag bij Ane de plaatsen Assen en Zwolle er anders zouden hebben uitgezien. Ypey bekent dat het voor hem (focusgebied Middeleeuwen) ook een onbekende gebeurtenis in de vaderlandse geschiedenis was. Inmiddels is hij al twee jaar met het onderwerp bezig, na een start als stagiaire bij eerder onderzoek. Hij heeft er ook zijn scriptie over geschreven. En nu was hij deze week bij de eerste slagveldarcheologie van ons land. Later dit jaar is hij spreker bij de jaarlijkse herdenking van de Slag bij Ane (zoals wij het voorlopig zullen blijven noemen).

Foto: Sake Elzinga (meer foto’s van hem op onze Facebookpagina / Tekst en video: Wim de Jonge

Gerelateerde berichten